Telemetrie: de kunst van het gericht verzamelen en interpreteren van toetsgegevens

08-02-2019 door Justine van den Berg

Naar aanleiding van een gesprek op twitter schreef Eric Welp het volgende betoog.
Gastblog door Erik Welp, Adviseur ICT en Toetsen bij Kennisnet

De datahonger van techgiganten zoals Google, Amazon of Huawei is enorm. Meten is weten en daarom monitoren deze bedrijven gebruikers 24 uur per dag. Data die voortkomt uit zoek en surfgedrag, koopgegevens, chatgegevens, locatiegegevens, noem maar op. Waardevolle informatie gericht op het verbeteren van de eigen diensten en producten of die van anderen. Daar zit soms ook een donkere kant aan. Je kunt je laptop of telefoon inmiddels niet meer openklappen of aanzetten zonder dat je lastig wordt gevallen met suggesties, spam en (zogenaamd) gerichte adviezen. Sinterklaas was dit jaar redelijk voorspelbaar door koopsuggesties en voorbeelden van Google surprises. Een digitale identiteit die inmiddels vergaand beïnvloed en gecontroleerd wordt. In China leidt dit tot (in mijn ogen) zeer ongewenste situaties. Middels slimme software en gezichtsherkenning is de overheid in staat zijn burgers te controleren. Bega je een overtreding, je negeert een rood stoplicht en je steekt over, kost je dit punten waardoor je op den duur niet meer in aanmerking komt voor een woning, lening of baan. Een dystopisch vooruitzicht ‘Brave new world 2.0’.

Informatiehonger in onderwijs
In het onderwijs kennen we een ook een bepaalde mate van informatiehonger. We toetsen wat af. Gemiddeld maakt een leerling zo’n 150 (!) toetsen per jaar. Toetsen die veelal summatief van aard zijn en leiden tot een cijfer. Gegevens die handig zijn om iets te weten over gedrag, niveau of voortgang. Naast toetsen, oefent de leerling ook nog eens op grote schaal. Steeds vaker in een digitale leeromgeving waar de leraar zicht heeft met behulp van een dashboard en als een Chinese keizer de leerlingen kan monitoren. De leraar ziet wanneer de leerling oefent, met wie hij oefent en met welk resultaat. De leraar kan inmiddels al veel meer zien. Hij volgt de leerlingen 24 uur per dag. Zowel op school als thuis. Hij kan ook zien op welk device de leerling oefent, waar de leerling oefent, welke andere programma’s hij bezoekt en soms al wanneer hij aan het gamen is en welke games hij dan speelt.

Vanuit onderwijskundig perspectief is dit razend interessant en de feedback kent een waanzinnige diepgang die in het verleden ondenkbaar was omdat veel relevante gegevens worden ontsloten. Dat maakt dat het beroep ‘onderwijskundig telemetrist’ een van de beroepen van morgen maar komt nog in geen enkele lerarenopleiding voor. Telemetrie gaat over de kunst van het op afstand volgen en “registreren” van leergegevens om die vervolgens via (vaak draadloze) technologie te versturen naar een andere computer of dashboard. Het woord is afgeleid van het Griekse tele (afstand) en metron (meten) en betekent dus: meten op afstand. En meten is weten en als leraar kun je hier echt van profiteren.

Wat gebeurt er met data in het onderwijs?
De leerling die nu met behulp van een VR bril, AR technolgie of sensoren oefent, weet vaak niet dat zijn gegevens worden opgeslagen en gedeeld. Deze gegevens zijn zeer waardevol. Met behulp van spraaktechnologie en een VR bril kun je op niveau een zakelijk gesprek in het Engels voeren. Een vulkaan zien uitbarsten of gastspreker met behulp van 3D teleportatie. Op het Wellant College staat al een virtueel paard in het ‘klaslokaal’, via gaming-principes kun je oneindig vaak oefenen en de resultaten analyseren. Naast oefenen op een paard kun je ook (realtime) racen tegen Max Verstappen en ook deze gegevens vergelijken en analyseren (remweg, accelartie, bandenspanning).

Gegevens die in het onderwijs in de vorm van leerdoelen en leersuggesties het leerproces verrijken. Maar, dan moet je de kunst van de telemetrie wel goed beheersen. Het verzamelen van de juiste gegevens, tot stand gekomen in een virtuele omgeving waar je geen zicht op hebt, een oefenomgeving buiten de klas of een realtime battle vraagt om een andere bril. Data in een dashboard zijn niet vanzelfsprekend juist. Voordat je het weet heb je te maken met onjuist of verkeerd verkregen resultaten en val je in de valkuil van de onderwijskundige bias. En elke leraar die bijvoorbeeld met AR- of VR-technologie heeft geëxperimenteerd weet dat je niet zeker weet wat de leerling ziet.

Technologie moet in dienst staan van het leren
Ict kent zo bezien hoge verwachtingen en veel leraren experimenteren met nieuwe technologie. Zij zijn in staat om een krachtige en authentieke leersituatie te creëren. Maar experimenteren heeft ook zijn donkere kant. Technologie moet in dienst staan van het leren en is een middel, geen doel. Het toepassen van VR-technologie zonder dat de leerling zicht krijgt op wat hij leert, anders dan een prikkelende ervaring, is misschien wel zonde van de lestijd. Het niet juist inschatten van de gegevens of het creeren van een bias kan zelfs averechtse effecten hebben. Innovatief materiaal wat vervolgens de data doorspeelt naar andere marktpartijen is al helemaal onwenselijk. Digitale hygiëne op gebied is van ict-toepassingen is geboden.

Een belangrijke taak voor lerarenopleiding, de plaats bij uitstek waar digitale didactiek verder wordt ontwikkeld en uitgerold (in de vorm van bv nascholing). Maar helaas zien we maar al te vaak dat veel opleiders de mogelijkheden van de technologie nog onvoldoende adequaat oppakken, met alle gevolgen van dien. Momenteel bevindt het onderwijs zich in een belangrijke transitiefase van papier naar digitaal. Daar dienen we zorgvuldig en prudent mee op te gaan. We willen immers geen Chinese toestanden. Laat telemetrie een serieus vak op de lerarenopleiding worden.

Tags:
Geplaatst onder: Geen categorie | Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *